Economisch belangrijkste doelsoorten voor visserij staan er goed voor

Duurzaamheid

De belangrijkste visbestanden voor de Nederlandse visserij in de Noordzee staan er goed voor, aldus de Internationale Raad voor Onderzoek der Zee (ICES). Wel adviseert ICES quotaverlagingen om de bestanden gezond te houden, zodat ook op de lange termijn de doelstelling van de maximaal duurzame oogst (MSY) wordt behaald. De Europese Raad van Visserijministers stelt eind 2019 de nieuwe vangstquota vast voor 2020. De vangstadviezen van ICES spelen daarbij een belangrijke rol.

ICES geeft op verzoek van de Europese Commissie advies over de maximale hoeveelheden vangst die kunnen worden gerealiseerd binnen de afgesproken doelstellingen in het Europese Visserijbeleid. Deze maximale vangsthoeveelheid bestaat voor iedere vissoort uit het totaal aan vis die aan de minimummaat voldoet (maatse vis) plus de vis die kleiner is dan de minimummaat (ondermaatse vis). Eerder richtte het advies zich op het maatse deel van de vangst. Deze verandering heeft te maken met de gefaseerde invoering van de Europese aanlandplicht in de periode 2015-2019. Deze aanlandplicht betekent dat vissoorten waarvoor vissers het quotum hebben opgevist of die kleiner zijn dan de minimummaat niet meer (zoals eerder verplicht was) overboord mogen worden gezet.

Haringvangst mag omhoog

De omvang van het haringbestand fluctueert door natuurlijke oorzaken. Naar schatting zwemt er ruim 1.9 miljoen ton volwassen haring in de Noordzee, Kattegat, Skagerrak, Kattegat en het oostelijke deel van Het Kanaal. Het haringbestand is gezond en bevindt zich al ruim 10 jaar boven het streefniveau dat nodig is voor het realiseren van de lange termijn duurzame oogst (‘maximum sustainable yield’, MSY). De visserijdruk is laag en ligt al sinds 1996 onder het MSY-streefniveau. ICES adviseert voor deze gebieden op basis van de MSY-benadering voor 2020 een haringvangst van 431.062 ton, waarvan 418.649 ton voor menselijke consumptie en 12.413 ton voor de industrievisserij.

Gezond bestand Noordzeetong

Het volwassen Noordzeetongbestand wordt geschat op iets meer dan 55.000 ton, en bevindt zich boven het MSY-streefniveau. Sinds 1997 is de visserijdruk op dit bestand sterk afgenomen naar MSY-streefniveau, waar het nu tegenaan zit. Voor tong geldt een Europees meerjarig beheerplan voor de gemengde visserij in de Noordzee (Multi Annual Plan, hierna: Noordzee-MAP). Met dit plan moeten de doelsoorten in de gemengde Noordzeevisserijen gezamenlijk zo worden beheerd dat voor ieder afzonderlijk bestand (uiteindelijk) tegelijkertijd de maximaal duurzame oogst (MSY) wordt behaald en vastgehouden. Op basis van het Noordzee-MAP adviseert ICES dat de totale vangst van tong in de Noordzee binnen de bandbreedte van 7.170 ton en 20.820 ton moet blijven.

Voor het eerst meer dan 1 miljoen ton volwassen schol

Het scholbestand in de Noordzee en het Skagerrak stijgt nog steeds, en bevindt zich ver boven het MSY-streefniveau. De visserijonderzoekers schatten dat er nu voor het eerst meer dan 1 miljoen ton aan volwassen schol rondzwemt (1.052.266 ton). Sinds de start van de bestandschatting in 1957 is niet eerder zoveel schol gemeten. De sterke toename van het bestand is vooral gekoppeld aan de forse afname van de visserijdruk. De schol wordt al 10 jaar onder het MSY-streefniveau voor de visserijdruk bevist. Dit visbestand is een gedeeld bestand met Noorwegen. Omdat de Europese Unie nog geen akkoord heeft met Noorwegen over het Noordzee-MAP, geeft ICES geen advies op basis van de MSY-bandbreedtes in het Noordzee MAP. ICES adviseert op basis van de MSY-benadering een totale vangst van maximaal 131.439 ton schol voor de Noordzee en het Skagerrak.

Bijvangstsoorten tonen gevarieerd beeld

ICES gaf ook vangstadviezen voor een aantal soorten die niet tot de belangrijkste doelsoorten van de Nederlandse visserij horen, maar die wel van waarde zijn. Omdat ze commerciële bijvangst in de visserij op platvis vormen (tarbot, griet, kabeljauw, wijting, zeebaars).

Tarbot al vijf jaar gezond bestand

Het bestand tarbot bevindt zich sinds 2013 boven het MSY-streefniveau en wordt op ruim 8.500 ton geschat. De visserijdruk zit sinds 2012 onder het MSY-streefniveau. Tarbot is onderdeel van het Noordzee-MAP. Voor bijvangstsoorten geldt binnen dit plan dat zij beheerd worden volgens de voorzorgsbenadering. Dit betekent dat ICES adviseert om in 2020 maximaal 4.538 ton tarbot in de Noordzee te vangen.

Gezonde situatie voor griet

Voor het bestand griet zijn er onvoldoende gegevens om een uitgebreide bestandschatting uit te voeren. Griet is daarmee een gegevensarm bestand. De index, die wordt berekend op basis van het vangstsucces van Nederlandse kotters, geeft aan dat het bestand sinds 2015 afneemt. Het bestand bevindt zich echter nog steeds boven het MSY-niveau. De visserijdruk is minder dan het MSY-streefniveau en daarmee ook op een gezond niveau. Voor gegevensarme bestanden adviseert ICES altijd volgens de voorzorgsbenadering en is het advies voor twee jaren. Dit betekent dat er in 2020 en 2021 in de Noordzee, Kattegat, Skagerrak en in Het Kanaal maximaal 2.559 ton griet mag worden gevangen.

Kabeljauwbestand onder het limietniveau

Na een historisch dieptepunt in 2006 raakte het kabeljauwbestand in de Noordzee, Skagerrak en in het oostelijke deel van Het Kanaal in 2014 bestand uit de gevarenzone. De voorzichtig ingezette groei zette zich niet door, en het bestand is nu opnieuw onder het limietniveau. Dit betekent dat het bestand een verminderde capaciteit heeft om zich te kunnen voortplanten. Naar schatting zwemt er ongeveer 81.000 ton volwassen kabeljauw in de Noordzee. De visserijdruk is toegenomen, en deze ligt nog steeds hoger dan het MSY-streefniveau. Ondanks alle maatregelen die genomen zijn om de visserijdruk omlaag te brengen, wordt de groei van het bestand bemoeilijkt door de lage aanwas van jonge kabeljauw. Deze aanwas is al sinds 1998 laag. Omdat het ook hier, net als bij schol, om een gedeeld bestand gaat met Noorwegen, adviseert ICES niet volgens de MSY-bandbreedtes in het Noordzee-MAP. Bij een visserijdruk op MSY-niveau luidt het advies van ICES voor deze gebieden dat de visserij in 2020 maximaal 10.457 ton kabeljauw mag vangen.

Wijting stabiel

Het bestand wijting in de Noordzee en het oostelijke deel van Het Kanaal bevindt zich net onder het MSY-streefniveau. Het bestand aan volwassen wijting wordt geschat op ruim 156 duizend ton. De visserijdruk is iets hoger dan het MSY-streefniveau. Ook hier gaat het om een gedeeld bestand met Noorwegen, en ICES adviseert daarom niet op basis van de MSY-bandbreedtes in het Noordzee-MAP. Het advies luidt dat bij een visserijdruk op MSY-niveau in totaal maximaal 22.082 ton wijting mag worden gevangen, waarvan uit de Noordzee 15.036 ton voor menselijke consumptie.

Zeebaars blijft op limietniveau

Het zeebaarsbestand in de zuidelijke en centrale Noordzee, Ierse Zee, Het Kanaal, Bristol Kanaal en de Keltische Zee blijft op het limietniveau en wordt geschat op iets minder dan 11.000 ton. Hoewel de visserijdruk sinds 2013 fors is afgenomen en onder het MSY-niveau ligt, resulteert dit niet in een groei van het bestand. De aanwas is al sinds 2008 laag, wat waarschijnlijk de oorzaak is voor de achterblijvende groei. ICES adviseert op basis van het Noordzee-MAP dat de totale vangst voor deze gebieden in 2020 binnen de bandbreedte van 1.643 ton en 1.946 ton moet blijven. Voor de recreatieve visserij vertaalt dit zich in een vangst van tussen de 346 ton en 412 ton.

Advisering door ICES

Onderzoekers van Wageningen Marine Research presenteerden op 28 juni de visserij adviezen van ICES voor de belangrijkste soorten voor de Nederlandse sector aan het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, de visserijsector en maatschappelijke organisaties. ICES maakt elk jaar een schatting van de bestanden en de hoogte van de visserijdruk, en geeft daarna advies aan de Europese Commissie over hoeveel er zou mogen worden gevangen om de doelen van het Gemeenschappelijke Visserijbeleid te halen. Het Europese beleid heeft als doel om de visserijdruk zo te reguleren dat de maximaal duurzame oogst (MSY, ‘Maximum Sustainable Yield’) wordt behaald. Dit is de visserijdruk die leidt tot de hoogst mogelijke oogst van een visbestand op de lange termijn.

ICES heeft voor meer dan 20 visbestanden in de Noordzee advies afgegeven. In december maakt de Europese Commissie voor een aantal gezamenlijk beheerde bestanden vangstafspraken met Noorwegen. Aan het eind van het jaar stelt de Raad van Visserijministers de toegestane vangsten voor 2020 vast.

Bron: www.wur.nl